Een leven lang puzzelen
Een leven lang puzzelen

Veranderingen en vakantie

Mijn eerste vakantieweek zit er bijna op, die van mijn vriend ook. Hierna zijn we allebei nog twee weken vrij. Dat is op zich best wel lekker, zeker doordat ik de maanden september tot en met november vrij veel heb gewerkt. Het was leuk werk, dus dat scheelde al enorm.

Mijn autisme komt nu behoorlijk om de hoek zeilen. Er is nu heel veel anders. Dat komt ook doordat we twee dagen geleden onder andere twee kastjes en wat opbergbakken hebben gekocht bij de IKEA. Eén van de kastjes is voor mij. In de gamekamer had ik al enige tijd een monitordoos staan, zodat ik een plateautje had om wat dingen op te kunnen laden. Dat was best fijn, maar die ruimte kon ik ook beter benutten. Nu heb ik twee kubusjes op elkaar staan. De hoogte is zo goed als gelijk, maar ik kan er ook spullen in zetten. Hopelijk kan ik daardoor een wat rustigere werkplek creëren. Ik moet dan nog steeds de bende aan de kant van mijn vriend negeren…

In november is onze nieuwe bank geleverd. Een bijzettafeltje kunnen we nu niet meer gebruiken. Om de spullen die daar in zaten en op lagen op te kunnen bergen, hebben we een kastje gekocht. Hij is 140 cm lang, 35 cm diep en 70 cm hoog. We wilden niet dat hij boven de bank uit zou steken. Dat is goed gelukt. Door dat kastje hebben we nu wat extra opbergruimte. Ik heb een deel, mijn vriend heeft een deel en er is een gezamenlijk deel.

Die nieuwe kastjes zijn een welkome uitbreiding van onze opbergruimte. Het is toch zoeken en schipperen in een appartement als het op opbergruimte aan komt. En toch merk ik nu maar al te goed hoeveel er is veranderd. Naast de kastjes ben ik nu natuurlijk ook niet meer zoveel alleen en daardoor moet ik vrijwel mijn hele routine aanpassen.

Als ik de veranderingen op een rij zet, begrijp ik wel dat ik op dit moment even moeite heb met alle veranderingen. Er zullen in onderstaande lijst vast dingen staan waarvan je denkt: ‘dat valt toch reuze mee, daar heb je toch geen last van?’ Nou, ik wel.

Ochtendroutine
– Niet meer alleen kunnen bepalen hoe laat ik opsta;
– Niet op dezelfde manier als altijd mijn ontbijt kunnen maken, omdat ik dat deel van het aanrecht nu moet delen met mijn vriend;
– Niet meer alle spullen van mijn ontbijt op dezelfde plekken kunnen neerzetten als ik het heb gebruikt voordat ik het weer terugzet. Normaal gesproken zet ik de dingen voor de koelkast even voor de magnetron, zodat ik alles in één keer in de koelkast kan zetten als ik mijn ontbijt heb gemaakt. Mijn vriend heeft soms de magnetron nodig, dus ik kan die spullen er vaak niet meer voor zetten.

Lunchroutine
– Doordat ik (we) nu later opsta ten opzichte van een werkweek is mijn lunchroutine naar de mallemoeren. Normaal ontbijt ik rond 8:45 uur en lunch ik rond 12:45 uur. Nu wisselt de tijd van het ontbijt en is het vaak lastiger om te bepalen of ik ook moet lunchen. Dan heb ik bij het avondeten of weinig trek, of te veel waardoor ik minder eet.

Alleen zijn
– Ik ben nu veel minder vaak en minder lang alleen. Ik ben behoorlijk gewend geraakt aan het vele alleen zijn. Ik vind het heel fijn als mijn vriend er is, maar ik vind het ook fijn om alleen te zijn. Als ik alleen ben heb ik geen kans op spraakverwarringen of discussies. Ik heb met mijzelf geregeld discussies, maar dat is een andere discussie;
– Als ik nu geïrriteerd ben, dan kan ik dat minder makkelijk ‘van mij af schreeuwen’. Niet dat ik zo vaak aan het schreeuwen ben, maar ik moet nu wel rekening houden met de aanwezigheid van mijn vriend;
– Niet meer zelf kunnen bepalen wanneer er geluiden in ons eigen appartement te horen zijn. Als ik alleen ben bepaal ik zelf wanneer er welk geluid te horen is, nu is dat onvoorspelbaarder;
– Ik ben mij er behoorlijk van bewust dat bovenstaande punten verkeerd opgevat kunnen worden. Nogmaals: ik vind het heel fijn dat mijn vriend en ik tegelijkertijd vakantie hebben, maar ik moet gewoon wennen aan bepaalde dingen.

Kastje in gamekamer
– Mijn kastje zit al in elkaar. Er zitten ook al wat spulletjes in. Toch moet ik wennen. Toch voelt het alsof ik een nieuwe routine moet aanleren met het opladen van apparaten, wat ik voorheen op de monitordoos deed. Ik vind het heel fijn dat ik wat dingen van mijn bureau kan opbergen, maar stiekem moet ik er ook een beetje aan wennen.

Kast achter bank
– Het is heel fijn dat we iets meer opbergruimte in de woonkamer hebben. De dingen die voorheen los in een laatje zaten, zitten nu in bakjes en zakjes. Dat heb ik zelf gedaan, dus als ik het niet fijn vind, dan moet ik het in één bak gooien;
– De aanblik van de woonkamer is nu ook anders. Dat komt natuurlijk mede door de nieuwe bank en nu ook met het kastje. Het ziet er wel strak uit nu.

Keuken
– We hebben nu spots onder de bovenkastjes, zodat we ook meer en beter licht hebben op het werkblad. Die verandering van lichtinval en intensiteit is ook even wennen;
– De spots aan het plafond heeft mijn vriend ook wat verdraaid, zodat de gehele lichtinval in de gehele keuken anders is. Daar moet ik ook aan wennen.

Kast in halletje
– De kast in het halletje puilde ook uit en het was bijna een wonder dat alles bleef liggen. Ik heb alles uit die kast gehaald en opnieuw ingedeeld met bakjes. Ik ben er nog niet helemaal tevreden over. Het is nu irritant als we bijvoorbeeld extra shampoo gaan kopen. Dat kunnen we nu minder goed kwijt.

Tv
– Het uitgaande volume van de Nvidia Shield moet ik nu anders instellen, omdat de rechter box er soms geen zin meer in had. Dat speelde vanaf het begin van de vakantie. Nu hebben we de versterker wat ‘harder’ gezet en moet ik de Shield wat zachter zetten. Daar moet ik ook even aan wennen.

Ik kan wel stellen dat ik uit mijn ritme ben en dat er veel dingen zijn veranderd. Dat heeft best veel invloed op mij. Ik voel mij minder in control, ik ben sneller geïrriteerd, veel dingen gaan moeizamer en ik merk dat mijn vriend en ik wat vaker een spraakverwarring hebben. Dat laatste ligt aan ons allebei (kan ik verstandelijk beredeneren, maar gevoelsmatig voelt het alsof het altijd aan mij ligt).

In deze vakantie zijn die spraakverwarringen voor mij nog beter voelbaar en nu er zóveel dingen zijn veranderd, heb ik er nog veel meer moeite mee. Ik voel mij dan vaak erg ontdaan, ik kom nóg moeilijker op woorden, ik begin weer de gedachte te krijgen dat alles aan mij ligt en dan is de chaos in mijn hoofd weer compleet. Dan heb ik gedachten als: ‘Zie je wel, ik luister weer niet goed, ik ben stom, waarom lukt het nou niet om iets meteen goed te verstaan of te begrijpen, ik voel mij weer dom’. Verstandelijk weet ik dat het niet alleen aan mij ligt, mijn vriend is ook niet altijd even duidelijk in zijn articulatie of uitleggen wat hij bedoelt. Als hij vindt dat hij iets heel duidelijk heeft uitgelegd en ik het niet meteen begrijp, dan trekt hij wel eens een gezicht van dat ik dom ben. Dat laat hij dan ook blijken aan de manier waarop hij dan praat. Echt op een toon alsof ik stom ben. Dat vind ik super ingewikkeld. Wat het extra ingewikkeld, maar ergens ook wel fijn maakt, is dat mijn vriend een tijdje na zo’n woordenwisseling weer heel lief kan doen.